Met het programma Toekomstbestendige Verpleegkunde, wil het UMC Utrecht verpleegkundigen aantrekken en behouden voor de zorg van de toekomst. Een van de thema’s van dit programma is ‘wetenschap en innovatie’. Milou Steenbergen, verpleegkundige interne geneeskunde, geriatrie en reumatologie én junior onderzoeker, vertelt over haar onderzoek over morele spanningen van verpleegkundigen bij levensverlengende behandelingen.

“Mijn afstudeeronderzoek ging over morele spanningen van verpleegkundigen bij levensverlengende behandelingen. Waar artsen soms willen doorbehandelen, ervaren verpleegkundigen dat dit niet altijd de beste keuze is voor de patiënt. Een verpleegkundige heeft vaak een andere relatie met de patiënt en is op een andere manier betrokken dan de arts. Die betrokkenheid bij levensverlengende behandelingen kan soms een onprettig gevoel geven voor verpleegkundigen. Ik heb gekeken wat dit betekent voor de verpleegkundigen.”

Uit de resultaten bleek dat verpleegkundigen (n=23) gevoelens van machteloosheid en frustratie ervaren. Ze voelden zich regelmatig niet betrokken in de besluitvorming of niet gehoord bij het maken van beslissingen. “Zij gaven aan dat zij zich wel lieten horen, maar dat er niet altijd werd geluisterd. Dat maakt het voor een verpleegkundige lastig, want zij zijn uiteindelijk ook vaak degenen die een levensverlengende behandeling moeten uitvoeren. Dat doet veel met verpleegkundigen.”

Wat hebben verpleegkundigen hieraan in hun dagelijks werk?
“Het is belangrijk dat verpleegkundigen meer betrokken zijn bij de besluitvorming. En dat zij hun inzichten bespreekbaar maken, samen keuzes maken. Verpleegkundigen hebben vaak belangrijke informatie over de patiënt en kennen de patiënt op een andere manier dan de behandelend arts. Dat geeft hele waardevolle input.”

Wat merken patiënten hiervan?
“Verpleegkundigen kunnen de patiënten goed ondersteunen bij een weloverwogen keuze rondom het levenseinde. Als verpleegkundigen nog beter betrokken zijn bij de behandelopties en –keuzes, dan kunnen zij dat gesprek ook beter voeren met de patiënt.”
Wat zie jij als meerwaarde van het combineren van onderzoek met je werk in de zorg?
“Als verpleegkundige heb je de link met de praktijk, je staat echt op de vloer. Daardoor weet je wat er speelt, wat goed werkt en wat niet. Als je als verpleegkundige bijvoorbeeld een advies schrijft aan de hand van een onderzoek, dan bereikt het ook écht de praktijk. Je kunt meer draagvlak creëren, want je bent onderdeel van het team.”

Waarom is volgens jou onderzoek en innovatie belangrijk voor het verpleegkundig vak?
“De zorg wordt complexer en onze rol verandert. Om de kwaliteit van zorg te blijven leveren, moet je mee gaan met de tijd en innovatie. En als het gaat om verpleegkundige interventies: je krijgt bevestiging van dat wat je doet, het juiste is. Het verbetert uiteindelijk de zorg. Het geeft daarnaast een enorme afwisseling in je werk: ik werk bijvoorbeeld twee dagen in de zorg, doe twee dagen onderzoek en een dag besteed ik aan de VAR (Verpleegkundige Adviesraad). Deze afwisseling is een uitdaging, maar wel heel leuk!”

Wat maakt dat jij onderzoek hebt kunnen doen?
“Ik heb een teamleider die enorm investeert in de ontwikkeling en het werkplezier van medewerkers. En we willen gezamenlijk een ziekenhuisbreed doel nastreven, namelijk de zorg van de toekomst. Door de subsidie die wij hebben ontvangen, kan ik onderzoek doen. Zo maken we samen de zorg beter, en blijven we kritisch door jezelf steeds de vraag te blijven stellen: ‘Waarom lever ik de zorg op deze manier, waar kan het beter?’ Ik gun iedereen de mogelijkheid om onderzoek te doen. Zo maak je de patiëntenzorg beter je werk ook leuker!”

Schrijf je in voor de jobalert

En ontvang altijd de meest recente vacatures in je mail