In het UMC Utrecht gaat de zorg 24 uur per dag door. Er zijn heel veel collega’s gedurende de nacht bezig om te zorgen dat alles door kan blijven gaan. Beveiligers, artsen, mensen van de apotheek, schoonmaak en ook de verpleegkundigen. We spreken Ruben Scheepens en Daphne van Effrink, twee verpleegkundigen, over het werken in de nacht.

Werken in de nacht

Ruben: ik vind het wel oké en het hoort er ook gewoon bij. In de nacht heb ik meer tijd om met collega’s bij te praten, dat is wel prettig. Ik leer ze vaak echt weer beter kennen na zo’n dienst samen”. Daphne: “Ik vind het eigenlijk wel fijn. De sfeer is zo anders in de nacht en er heerst rust. Je hebt meer tijd voor je patiënten die wakker zijn of hulp nodig hebben, soms kom je echt tot goede gesprekken omdat ze ’s nachts zorgen hebben en daarom wakker liggen. En ik heb meer tijd voor een kletspraatje met mijn collega’s, dat vind ik gezellig. Soms duik ik nog wel eens in een dossier in om meer inhoudelijke kennis op te doen over de ziekte van een patiënt. Daar heb ik overdag minder tijd voor, dan moet het vaak vlug vlug.”

De eerste nachtdienst

Ruben: “Ik had mijn 1e nachtdienst toen ik student was, als stagiair, en dat vond ik erg spannend. Ik had nog niet eerder een nacht werkend doorgehaald en wist niet hoe ik erop zou reageren. Zou ik dat wel volhouden en hoe zou mijn lijf reageren? Gelukkig ging het goed en ben ik de nacht prima doorgekomen.” Daphne: ik wist net goed hoe ik me zou moeten voorbereiden, ik heb toen een gigantische tas met eten meegenomen voor het geval ik trek zou krijgen. Nu ben ik er wel achter dat ik vooral niet moet snoepen en snacken ’s nachts, daar krijg ik alleen maar last van. Ik zorg dat ik veel eiwitten eet, en weinig koolhydraten.”

Rusten tijdens de nachtdienst

Daphne vertelt: “Ik probeer wel mijn momentjes te pakken, soms ga ik even liggen op een bank. Zeker zo tegen het einde van mijn dienst als de mogelijkheid zich aandient. Ik wil ook fris weer in de auto stappen omdat ik een stukje moet rijden. Ruben: ik probeer soms in een speciale powernapstoel te gaan liggen: een sleeping pod, die staat bij ons op de afdeling. Echt slapen lukt me dan niet, maar even lekker dommelen helpt wel. Dan heb ik daarna weer wat meer energie om verder te gaan. We hebben op onze afdeling ook speciale oranje brillen. Die filteren het blauwe licht en helpen je om beter in te slapen. Door de bril ongeveer een uur voor het slapen gaan te dragen, wordt de natuurlijke aanmaak van melatonine gestimuleerd.”

Rustige of drukke nachtdienst

Ruben vertelt: “Ik geef de voorkeur aan een rustigere dienst zodat ik tijd heb voor verdieping in ziektebeelden en casussen kan uitzoeken”. Daphne: “Ik heb liever een wat drukke, maar dan niet dat ik van bel tot bel ga. Net druk genoeg om niet in te zakken eigenlijk.”

Het lastige aan het werken in de nacht

Daphne: “Voor mij is dat denk ik het omschakelen en het wisselen van ritme. De eerste dag in de nacht gaat wel goed, dan ga ik op adrenaline, de 2e nacht is voor mij het zwaarst. Andersom is dat ook zo als ik weer in het normale ritme moet. Na een reeks van 4 nachten achter elkaar slaap ik de 1e keer normaal altijd weer prima, maar daarna ben ik toch wel een nacht veel wakker. Mijn lichaam moet omschakelen.” Voor Ruben is vooral de 1e nacht de uitdaging: “ik merk dat mijn lichaam dan echt moet wennen, ik krijg ook fysieke klachten, daarna gaat het vaak weer wat makkelijker.”

Slapen na een nachtdienst, hoe doe je dat?

Ruben: “Eigenlijk geen probleem, ik woon aan een drukke straat maar heb oordoppen en zodra mijn hoofd het kussen raakt, ben ik weg. Je bent ook echt wel moe na zo’n nachtdienst”. Daphne: de 1e paar uur slaap ik prima maar daarna lukt het minder goed om aan een stuk door te slapen en dat is wel echt jammer. Maar zoals ik al eerder zei: ik vind het werken in de nacht echt wel fijn en bijzonder.”

Schrijf je in voor de jobalert

En ontvang altijd de meest recente vacatures in je mail